De raad heeft een presidium.
Het presidium bestaat uit de voorzitter van de raad, minimaal één van de voorzitters van deraadscommissies en nog maximaal vier raadsleden uit nog niet vertegenwoordigde fracties. Twee leden van het presidium zijn bij voorkeur eveneens lid van de werkgeverscommissie en/of de auditcommissie.
De leden van het presidium worden door de raad benoemd.
Het presidium wordt voorgezeten door de voorzitter van de raad.
De voorzitter kan voorstellen de gemeentesecretaris en/of een medewerker van de griffie uit te nodigen voor een vergadering.
De vergaderingen van het presidium zijn besloten.
Het presidium heeft tot taak:
het voorlopig vaststellen van de commissie- en raadsagenda’s, daaronder begrepen het verplaatsen van stukken van de ene commissie naar de andere als dit bijdraagt aan een meer gelijke verdeling,
het bespreken van de dagelijkse gang van zaken in de commissies en de raad,
het doen van aanbevelingen aan de raad over de organisatie van de werkzaamheden van de raad en de commissies,
te zorgen voor een goede onderlinge afstemming tussen commissies en raad, commissies, raad en werkgroepen en werkgroepen onderling,
het in overleg met het fractievoorzittersoverleg instellen van werkgroepen,
het bewaken van de lange termijn agenda (LTA),
het vaststellen van de vergadercyclus van de raad en de raadscommissies.
het vaststellen van vergaderingen als bedoeld in artikel 17, tweede lid, van de Gemeentewet en lid 10 van dit artikel.
Elk lid heeft een stem in het presidium.
De vergaderingen van het presidium gaan door als ten minste de helft van het aantal leden,onder wie ten minste de voorzitter aanwezig is.
Het presidium vergadert in ieder geval in de week waarin de commissiestukken wordengepubliceerd en verder als de voorzitter het nodig acht of ten minste twee leden daarom verzoeken.
Hoofdstuk 1.
Artikel 3.
Het presidium
Onderdeel van Reglement van Orde voor de raad en de raadscommissies 2014