Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 4.1

Intrekken of wijzigen van een vergunning

Onderdeel van Parkeerverordening 2006

Burgemeester en wethouders kunnen een vergunning intrekken of wijzigen: op verzoek van de vergunninghouder; wanneer de vergunninghouder het gebied, waarvoor de vergunning is verleend, verlaat of het daar uitgeoefende beroep of bedrijf beëindigt; wanneer zich een wijziging voordoet in een van de omstandigheden die relevant waren voor het verlenen van de vergunning; wanneer voor het desbetreffende gebied het stelsel van vergunningen komt te vervallen of wordt gewijzigd; wanneer de vergunninghouder handelt in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften; wanneer blijkt dat bij de aanvraag van een vergunning onjuiste gegevens zijn verstrekt; om redenen van openbaar belang.

Rechtspraak bij dit artikel