In deze verordening en bijbehorende toelichting worden verstaan onder:
a
aanvrager:
de natuurlijke of rechtspersoon die aan de gemeente
instemming, vergunning of toestemming verzoekt voor
het leggen, hebben, onderhouden, verwijderen etc.
van kabels en leidingen;
b
breekverbod
verbod voor het uitvoeren van breek- en
graafwerkzaamheden in de grond, geldend onder andere
bij extreme weersomstandigheden of evenementen;
c
calamiteit
een incident met voor de omgeving mogelijk grote
gevolgen, die niet zelfstandig kunnen worden
afgewikkeld en waarbij gecoördineerde inzet van
hulpverleningsorganisaties en diensten van
verschillende disciplines is vereist om de gevolgen
te beperken;
d
college:
college van burgemeester en wethouders;
e
coördinatieverplichting
de coördinerende rol van de gemeente over de aanleg,
instandhouding en opruiming van alle kabels en/of
leidingen in de openbare grond binnen de
gemeentelijke grenzen;
f
degeneratiekosten:
de kosten voor de gemeente door vermindering van de
kwaliteit en/of duurzaamheid van de verharding of
andere gemeente eigendommen, veroorzaakt door de
(graaf)werkzaamheden onder verhardingsconstructies
of andere voorzieningen;
g
gedoogplichtige:
degene op wie een gedoogplicht rust als bedoeld in
de Belemmeringenwet Privaatrecht of de
Telecommunicatiewet of via een (publiekrechtelijke)
vergunning;
h
grondroerder:
de natuurlijke of rechtspersoon onder wiens
verantwoordelijkheid of leiding de werkzaamheden
worden verricht;
i
handboek:
het Handboek Kabels en Leidingen
(Standaardbepalingen voor het opnemen van de
sleufverharding, het graven, aanvullen en verdichten
van sleuven en het leggen etc. van kabels en
leidingen die in eigendom of beheer zijn bij de
gemeente), zijnde door het college vast te stellen
nadere regels betreffende de voorbereiding en
uitvoering van ontwerp, aanleg, exploitatie,
onderhoud en verwijdering van kabels en leidingen
inclusief de toepasselijke indieningsvereisten;
j
huisaansluiting:
het gedeelte van de kabel of leiding door openbare
grond dat een netwerk verbindt met een
netwerkaansluitpunt;
k
instemmingsbesluit:
besluit van het college op een aanvraag van
voorgenomen werkzaamheden aan kabels en/of leidingen
ten behoeve van een openbaar elektronisch
communicatienetwerk;
l
kabel- en leidingentracé:
de locatie waarvan de gemeente heeft bepaald waar
kabels en/of leidingen kunnen worden gelegd;
m
kabels en leidingen:
kabels en/of (buis)leidingen als onderdeel van een
net(werk), daaronder mede begrepen de daarmee
verbonden transformator-, schakel-, verdeel- en
onderstations, voorzieningen (afsluiters,
brandkranen, lassen, etc.) en andere hulpmiddelen,
behoudens voor zover deze verbindingen en
hulpmiddelen liggen binnen de installatie van een
producent of van een afnemer en tevens omvattende
lege buizen, ondergrondse ondersteuningswerken en
beschermingswerken; voorbeelden van deze kabels en
leidingen zijn kabels als bedoeld in de
Telecommunicatiewet, elektriciteitskabels (koppel-,
transport- en distributiekabels), gasleidingen
(transport-, distributie- en dienstleidingen),
waterleidingen en kabels en leidingen ten behoeve
van industriële netwerken;
n
leggen van kabels en leidingen
het aanbrengen, leggen, onderhouden, omleggen,
vernieuwen, herstellen en verwijderen van kabels en
leidingen en het verrichten van hierbij behorende
werkzaamheden;
o
marktconforme kosten
kosten zoals deze onder normale omstandigheden in
een markteconomie op de desbetreffende markt worden
gemaakt;
p
meldsysteem of registratiesysteem
geautomatiseerd systeem van de gemeente waarin
meldingen, vergunningen en instemmingen van
(graaf)werkzaamheden aan kabels en/of leidingen en
alles wat daarmee samenhangt worden verwerkt door of
namens de gemeente en/of de grondroerder
q
net (of netwerk):
samenspel van ondergrondse kabels en/of leidingen,
bestemd voor het transport van vaste, vloeibare of
gasvormige stoffen, van energie of van informatie
een, al dan niet openbaar, elektronisch
communicatienetwerk als bedoeld in artikel 1.1 onder
e. en h. van de Telecommunicatiewet;
r
net voor transport van informatie
de openbare elektronische communicatienetwerken als
bedoeld in artikel 1.1 onder h. van de
Telecommunicatiewet;
s
netbeheerder:
de rechtspersoon die acteert als beheerder van een
net of netwerk voor de levering van elektriciteit,
gas, water, aardwarmte of WKO (Warmte Koude Opslag),
dan wel aanbieder is van een (al dan niet openbaar)
elektronisch communicatienetwerk;;
t
niet-openbare kabels en leidingen
kabels en leidingen (dan wel het netwerk waartoe ze
behoren) die niet worden gebruikt om openbare (voor
het publiek beschikbare) diensten aan te
bieden;
u
nutsbedrijf:
bedrijf dat producten en diensten levert in het
algemeen belang, en in het kader van deze
verordening meer specifiek op het gebied van
elektriciteits-, gas- en drinkwatervoorziening,
waaronder ook begrepen eventuele
warmte-koudevoorzieningen, en dat mede daartoe
netten/netwerken beheert voor het transport van
vaste, vloeibare of gasvormige stoffen of van
energie;
v
opdrachtgever:
de natuurlijke of rechtspersoon die opdracht geeft
tot het uitvoeren van werkzaamheden;
w
openbare gronden
openbare gronden zoals bedoeld in artikel 1.1, onder
aa, van de Telecommunicatiewet;
x
spoedeisende werkzaamheden
werkzaamheden ten gevolge van een ernstige
belemmering of storing in de dienstverlening,
waarvan uitstel redelijkerwijs niet mogelijk
is;
y
vergunning:
Vergunning die door het college op aanvraag verleend
kan worden voor voorgenomen werkzaamheden aan kabels
en/of leidingen;
z
voorzieningen
kabels en leidingen en de ondergrondse
ondersteunings- en beschermingswerken;
aa
werkzaamheden:
handmatige en/of mechanische graafwerkzaamheden
inclusief het opbreken en herstel van de
sleufverharding in de openbare
grond in verband met de aanleg, instandhouding en
opruiming van
kabels e/of leidingen;
ab
werkzaamheden van
niet ingrijpende aard
het aanbrengen of verwijderen van kabels en/of
leidingen in reeds aangebrachte voorzieningen
(mantelbuizen); reparaties of onderhoudswerk aan
kabels en/of leidingen met een gezamenlijke lengte
van minder dan 25 meter en niet vallend onder
onderdeel m. van dit artikel 1;
het maken van (huis)aansluitingen waarbij geen
verhardingen of groenvoorzieningen worden gekruist,
tot een gezamenlijke lengte van 25 meter;
het maken van een montagegat c.q. lasgat, een
opbreking met een beperkte afmeting, maximaal 2 m2,
die wordt gemaakt ten behoeve de toegang tot een
handhole, plaatsen van afsluiters, het opgraven van
een kabelrol ten behoeve van klantaansluitingen, het
maken van aftakkingen voor het herstellen van kabel
c.q. leidingstoringen of voor
inspectiedoeleinden;
Hoofdstuk 1
Artikel 1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren