Pandhuiswet
Op het verstrekken van pandkredieten is de Pandhuiswet 1910 van toepassing.
In overeenstemming met de verplichtingen van de Pandhuiswet 1910 bevat dit reglement nadere bepalingen ten aanzien van:
de zaken waarop het pandrecht rust;
de schatting van de verkoopwaarde;
het pandbewijs;
bewaring, termijn en verzekering;
verkoop;
opbrengst verkoop;
aangifte verloren of vervreemde zaken;
tarieven.
Het college stelt beleidsregels op met betrekking tot de nadere uitwerking van het verstrekken van pandkrediet door de kredietbank.
Het college heeft voor deze bevoegdheid aan de directeur mandaat verleend.
Hoofdstuk IV › Paragraaf 8
Artikel 35
Artikel 35
Onderdeel van Vaststelling Bankreglement gemeente Den Haag 2013