Opbrengst
De overschotten van de opbrengst van de verkoop blijven ter beschikking van de houder van het pandbewijs gedurende vierentwintig maanden na de dag waarop de uitbetaling van de overschotten is aangevangen.
Na het verstrijken van de in het eerste lid genoemde termijn vervallen deze overschotten aan de kredietbank.
Indien de persoon die het voorschot opvordert niet de oorspronkelijke pandgever is, dient
deze persoon aan te tonen dat hij de rechthebbende is van de in pand gegeven zaak dan wel te beschikken over een schriftelijke en ondertekende verklaring van de oorspronkelijke pandgever dat deze persoon bevoegd is tot het in ontvangst nemen van het overschot.
Hoofdstuk IV › Paragraaf 8
Artikel 42
Artikel 42
Onderdeel van Vaststelling Bankreglement gemeente Den Haag 2013