**1..** Het college stelt de uitgangspunten van bestaand beleid uiterlijk 15 april van het lopende jaar vast voor het volgende begrotingsjaar en de drie daarop volgende jaren.
**2..** Deze uitgangspunten worden door het college ter kennisneming aan de raad aangeboden.
**3..** Het college biedt voor 1 juni van het lopende jaar een kadernota ter vaststelling aan de raad aan. Deze kadernota gaat in op speerpunten in de programma’s en algemene dekkingsmiddelen, en op de financiële kaders van de ontwerp-begroting, voor het volgende begrotingsjaar en de drie daaropvolgende jaren.
**4..** De raad stelt de kadernota uiterlijk 1 juli van het lopende jaar vast.
**5..** In de jaarrekening wordt verantwoording afgelegd over de uitvoering van de programma’s. Hierbij wordt ook informatie verstrekt over de realisatie van investeringen en de besteding van daarvoor beschikbaar gestelde kredieten.
Hoofdstuk 2.
Artikel 3.