Naar hoofdinhoud
De aangifte wordt gedaan in de gemeente waar het briefadres zich bevindt. De aangever is verplicht om bij de aangifte tot briefadres alle benodigde stukken te overleggen. In de gevallen van artikel 2, lid 1 zal vervolgens een onderzoek plaatsvinden waarbij aanvrager wordt uitgenodigd om zijn verzoek in persoon toe te lichten. Onder benodigde stukken als bedoeld in het tweede lid wordt in ieder geval verstaan: een geldig identiteitsbewijs of een kopie ervan; de schriftelijke verklaring van de aangever met reden voor de aangifte en de te verwachten periode dat het briefadres noodzakelijk is; een geldig identiteitsbewijs of een kopie ervan en een schriftelijke verklaring van instemming van degene bij wie het briefadres wordt gehouden; een ingevulde en ondertekende vragenlijst briefadres, als het briefadres gevraagd wordt op grond van artikel 2, eerste lid. De briefadresgever, kan maximaal aan twee gezinshuishoudens of twee alleenstaanden toestemming geven een briefadres te houden. Een rechtspersoon die als briefadresgever optreedt dient hiervoor aangewezen te zijn door het college van burgemeester en wethouders. De briefadresgever zorgt ervoor dat voor de briefadreshouder bestemde geschriften in ontvangst worden genomen en dat geschriften of inlichtingen daarover, betrokkene bereiken. Op het adres waar briefadres gehouden wordt is de briefadresgever bereikbaar voor communicatie met de overheid en de briefadreshouder is ook fysiek traceerbaar via dat adres.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel