Naar hoofdinhoud
Voor toepassing van artikel 2.12 lid 1 onder a onder 2 Wabo, jº artikel 4 lid 5 bijlage II Bor komt in aanmerking een antenne-installatie, met inachtneming van de volgende beleidsregels: de hoogte van een vrijstaande antenne-installatie mag niet meer bedragen dan 40 meter; de hoogte van een antenne-installatie op een gebouw mag niet meer bedragen dan 6 meter; plaatsing van een antenne-installatie op een gebouw is uitsluitend mogelijk indien het betreffende gebouw 15 meter of hoger is; binnen de bebouwde kom: heeft de plaatsing van een antenne-installatie op bestaande verticaal opgaande elementen, zoals hoge (flat) gebouwen de voorkeur; is een antenne-installatie toegestaan nabij sportparken, recreatieterreinen en parkeerplaatsen, mits situering van een antenne-installatie niet mogelijk is bij aanwezige hoogopgaande infrastructurele elementen, zoals wegen, spoorlijnen, viaducten en benzinestations; is een antenne-installatie op monumenten en in woonwijken niet toegestaan; is een antenne-installatie aan de rand van een woonwijk toegestaan, met dien verstande dat dit geschiedt op een grote afstand van woonbebouwing/-clusters en de maximale hoogte niet meer bedraagt dan 40 meter; is een antenne-installatie op een bedrijventerrein tot een maximale hoogte van 40 meter toegestaan, indien het vigerende bestemmingsplan niet zelf de mogelijkheid geeft om tot en met 50 meter te bouwen; buiten de bebouwde kom is plaatsing van een antenne-installatie in landschappelijk waardevolle gebieden, waaronder natuurgebieden en waardevolle cultuurlandschappen, open landschappen en waardevolle (historische) bebouwing toegestaan, indien: alternatieve locaties goed zijn onderzocht op ruimtelijke (on)aanvaardbaarheid, en; inzicht bestaat in de functionele inpassing in het technisch netwerk, mits: uit deze gegevens blijkt dat geen beter alternatief beschikbaar is, en; de aantasting beperkt blijft tot een enkele mast van een hoogte, die in verhouding staat tot de hoogte van elementen in de omgeving, en; ten aanzien van de hoogte tevens een relatie wordt gelegd met de hoogte en schaal van de aanwezige bebouwing en/of landschap, en; de hoogte niet meer mag bedragen dan 40 meter.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel