Lid 1.
Een voorziening kan slechts worden toegekend voor zover:
De noodzaak voor het te bereiken resultaat langdurig is, tenzij
kortdurende hulp bij het huishouden leidt tot het te bereiken
resultaat.
De te verstrekken voorziening als de goedkoopst-compenserende
voorziening aan te merken is.
Lid 2.
Geen voorziening kan worden toegekend:
Indien de voorziening algemeen gebruikelijk is.
Indien de belanghebbende niet woonachtig is in de gemeente
Berkelland.
Voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de
belanghebbende voorafgaand aan het moment van aanvragen of het
moment van beschikken heeft gemaakt en niet meer is na te gaan
of deze voorziening noodzakelijk was en als
goedkoopst-compenserend aan te merken valt.
Voor zover een voorziening als die waarop de aanvraag betrekking
heeft al eerder in het kader van enige wettelijke bepaling of
regeling is verstrekt en de normale afschrijvingstermijn van de
voorziening nog niet verstreken is, tenzij de eerder vergoede of
verstrekte voorziening verloren is gegaan als gevolg van
omstandigheden die niet aan belanghebbende zijn toe te rekenen,
of tenzij belanghebbende geheel of gedeeltelijk tegemoetkomt in
de veroorzaakte kosten.
Lid 3.
De aanvraag voor een woonvoorziening wordt geweigerd indien:
a.de noodzaak tot het treffen van de woonvoorziening het gevolg is van
een verhuizing
waartoe op grond van beperkingen bij het normale gebruik van de woning
geen aanleiding bestond en er geen andere belangrijke reden aanwezig
was;
b.de aanvrager niet is verhuisd naar de voor zijn of haar beperkingen op
dat moment
beschikbare meest geschikte woning, tenzij daarvoor tevoren schriftelijk
toestemming
is verleend door het college;
de tegemoetkoming in de verhuis-en herinrichtingskosten
aangevraagd wordt op een moment dat op basis van leeftijd,
gezinssituatie of woonsituatie te voorzien was dat deze
voorziening noodzakelijk zou zijn en er geen sprake is van een
onverwacht optredende noodzaak;
de aanvrager voor het eerst zelfstandig gaat wonen, verhuisd is
vanuit of naar een
woonruimte die niet geschikt is het gehele jaar door bewoond te worden,
verhuisd is
naar een AWBZ-instelling of een andere instelling gericht op het
verstrekken van
zorg, of er in de verlaten woonruimte geen problemen met het normale
gebruik van
de woning zijn ondervonden.
HOOFDSTUK 7.
Artikel 23.
Beperkingen
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Berkelland 2014