**1..** De exploitant van een seksinrichting of escortbedrijf verleent de
GGD toegang tot de inrichting en verleent medewerking aan preventie-
en voorlichtingsactiviteiten van de GGD gericht op verbetering van
de gezondheidssituatie van de bij hem werkzame prostitué(e)s.
**2..** De exploitant van een seksinrichting of escortbedrijf voert een
“veilig seks beleid”. Hij ziet erop toe dat er geen onveilige seks
wordt aangeboden en dat veilige seks wordt bewerkstelligd.
**3..** De exploitant van een inrichting draagt zorg voor verspreiding onder
de bij hem werkzame prostitué(e)s van voor hen toegankelijk en in
begrijpelijke taal geschreven voorlichtings- en informatiemateriaal,
over gezondheidsrisico’s van hun werk, m.n. seksueel overdraagbare
aandoeningen, en over de aanwezigheid en bereikbaarheid van de
gezondheidszorg- en hulpverleningsinstellingen.
**4..** De exploitant van een seksinrichting of escortbedrijf dient zorg te
dragen voor een lijst van hulpverleningsinstanties en
belangenverenigingen voor prostitué(e)s die voor de werkzame
prostitué(e)s steeds toegankelijk is.
**5..** De exploitant van een seksinrichting of escortbedrijf stelt
huisregels op om de klant te informeren over de toepassing van
“veilige sekstechnieken” en het in de huisregels beschreven
zelfbeschikkingsrecht van de prostitué(e)s. De huisregels dienen op
een voor de klant duidelijk zichtbare plaats gehangen te worden. In
de huisregels wordt in ieder geval opgenomen dat:
de prostitué(e) mag klanten weigeren;
de prostitué(e) niet verplicht kan worden, als daarom wordt
verzocht, met de klant alcoholhoudende dranken te drinken
en/of andere verdovende middelen te gebruiken;
de prostitué(e) het werken zonder condoom mag weigeren;
in de werkruimten ten allen tijde voldoende wettelijk
goedgekeurde condooms voor gebruik beschikbaar zijn;
de prostitué(e) niet verplicht kan worden zich geneeskundig
te laten onderzoeken;
de prostitué(e) het recht heeft op een vrije artsen
keuze.