**a..** De erfpachter is verplicht in geval van gehele of gedeeltelijke vervreemding van het recht van erfpacht, de vestiging van ondererfpacht of een beperkt zakelijk recht, waardoor het gebruik van de onroerende zaak door derden wordt verkregen, in de daartoe op te maken notariële akte, de bepalingen, waaronder het recht van erfpacht is verleend, op te nemen of daarnaar te verwijzen en in dat geval aan bedoelde akte te laten hechten.
**b..** Voor de vervreemding of de vestiging van een recht als bedoeld in lid a van dit artikel is schriftelijke toestemming van het college vereist. Deze schriftelijke toestemming is ook vereist voor de inbreng in een (andere) vennootschap van het recht van erfpacht en voor de verdeling tussen gezamenlijke rechthebbenden op het recht. Het college kan aan de schriftelijke toestemming voorwaarden verbinden.
**c..** De opvolgende erfpachter, ondererfpachter of verkrijger van een beperkt zakelijk recht als bedoeld in lid a van dit artikel is verplicht om binnen een maand na ontvangst van een daartoe strekkend verzoek, op zijn kosten aan het college een afschrift van de notariële akte over te leggen.
**d..** In geval van vervreemding van het recht van erfpacht blijft de oude erfpachter naast de opvolgend erfpachter voor de eventuele niet betaalde, al vervallen erfpachttermijnen over de aan de overdracht voorafgaande vijf jaren, hoofdelijk aansprakelijk.
10a
**a..** De erfpachter is tot splitsing van het erfpachtrecht, tot splitsing in appartementsrechten of tot samenvoeging van erfpachtrechten slechts bevoegd na voorafgaande schriftelijke toestemming van het college. Voor de toepassing van dit artikel worden met de in lid a genoemde handelingen gelijkgesteld het door de erfpachter verlenen van deelnemings- en lidmaatschapsrechten die het gebruik van het perceel grond en/of opstallen betreffen.
**b..** Het college beslist binnen twee maanden na het schriftelijke verzoek om toestemming voor de rechtshandelingen als bedoeld in lid a van dit artikel (deze termijn kan door het college ten hoogste eenmaal met twee maanden worden verlengd). Als binnen twee (c.q. vier) maanden niet op het verzoek is beslist, zonder dat dit aan de erfpachter is toe te rekenen, wordt de toestemming geacht te zijn verleend. Het college kan aan de toestemming voorwaarden verbinden.
**c..** Het college stelt het gedeelte van de tot het moment van splitsing geldende canon vast, dat voor elk van de nieuw te vormen erfpachtrechten zal gelden.
**d..** De erfpachters van het gesplitste erfpachtrecht zijn aansprakelijk voor de betaling van de canon van het aan hen toegewezen deel van de erfpacht.
**e..** Bij splitsing in appartementen blijven de erfpachters hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de gehele canon.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.10
Vervreemden, overgang en ondererfpacht
Onderdeel van Algemene erfpachtvoorwaarden gemeente Heusden 2014