Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 4.

Samenstelling; benoeming commissievoorzitter

Onderdeel van Verordening op de raadscommissies2014.

1.. Elke in de raad zitting hebbende fractie mag, per raadscommissie, leden aanwijzen en wel volgens de volgende formule dat per twee raadsleden in een fractie één commissielid per commissie mag worden aangewezen met een maximum van drie commissieleden per commissie en een minimum van één commissielid per commissie. 2.. Elke in de raad zitting hebbende fractie mag in voorkomende gevallen van verhindering een plaatsvervanger aanwijzen. 3.. Een lid kan zowel raadslid als niet-raadslid zijn. De artikelen 10, 11, 12, 13  en 15 van de Gemeentewet  zijn van overeenkomstige toepassing op een lid en plaatsvervangend lid van een raadscommissie. 4.. De commissievoorzitter wordt door de raad uit zijn midden benoemd. 5.. De plaatsvervangend commissievoorzitter wordt door de commissie uit haar midden benoemd.

Rechtspraak bij dit artikel