De toepassing van de wet door het bestuursorgaan vindt op de hieronder aangeduide beschikkingen op de volgende wijze plaats:
Uitvoering van het eigen onderzoek vindt plaats bij elke aanvraag voor een beschikking als bedoeld in:
artikel 3 Drank- & Horecawet;(drank& horecavergunning);
Paracommerciële horeca-inrichtingen als bedoeld in artikel 4 van de Drank- &Horecawet (zoals een buurthuis, clubhuis of kantine van een sportvereniging) waarvan de horeca in eigen beheer is en niet is verpacht, vallen niet onder dit Bibob-beleid);
artikel 30b van de Wet op de kansspelen(speelautomatenvergunning);
artikel 2.34 van de Algemene Plaatselijke Verordening (horecaexploitatie- vergunning);
artikel 2.34 van de Algemene Plaatselijke Verordening (exploitatievergunning
coffeeshop);
artikel 3.4 van de Algemene Plaatselijke Verordening (seksinrichting, escortbedrijf);
Verordening Speelautomatenhal Vlaardingen (speelautomatenhal)
Uitvoering van het eigen onderzoek vindt bij onderstaande aanvragen voor een beschikking plaats als zij vallen onder de daartoe aangewezen branche en/ of gebied en de daarbij geldende risico-indicatoren:
De aanvraag als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a van de Wet Algemene bepalingen omgevingsrecht (omgevingsvergunning bouwactiviteit).
De toepassing blijft beperkt tot de aanvragen, die als volgt gecategoriseerd worden:
Bouwactiviteiten in het havengebied en de bedrijventerreinen De Vergulde Hand en Groot Vettenoord (risico-gebieden);
Bouwactiviteiten t.b.v. de branches horeca, prostitutie, speelautomatenhal, coffeeshops en vuurwerkopslag- en verkooppunten, waarbij de aanneemsom € 25.000,-- en hoger bedraagt;
Bouwactiviteiten met een bouwsom van € 1.000.000,- (excl. BTW) en hoger.
Het eigen onderzoek zal niet worden toegepast, ingeval de aanvraag afkomstig is van:
Overheidsinstanties;
Semi-overheidsinstanties;
Toegelaten woning(bouw)corporaties (toegelaten door de Minister van
Volkshuisvesting conform Woningbesluit 1932 middels een daartoe
verstrekte vergunning);
Door het College van B&W bij (specifiek) besluit aangewezen aanvragers (b.v. PPS constructies van particuliere ondernemingen en overheid).
De aanvraag als bedoeld in artikel 2.1 eerste lid, aanhef en onder e van de Wet Algemene bepalingen omgevingsrecht, voor zover dat onderdeel betrekking heeft op een inrichting als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid van die wet, (omgevingsvergunning inrichtingen Wet Milieubeheer).
De toepassing blijft beperkt tot de inrichtingen, als omschreven in artikel 2 onder a en wordt alleen uitgevoerd als:
vanuit eigen informatie en/of
vanuit informatie van een of meerdere partners binnen het samenwerkingsverband RIEC en/of
vanuit het OM verkregen informatie als bedoeld in artikel 11 juncto 26 van de wet, er duidelijke aanwijzingen zijn die het vermoeden rechtvaardigen, dat bij deaanvraag sprake is van een ernstig gevaar als bedoeld in artikel 3 van de wet.
De aanvraag als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder i van de Wet Algemene bepalingen omgevingsrecht, voor zover dat onderdeel betrekking heeft op een activiteit waarvoor bij algemene maatregel van bestuur op grond van artikel 2.17 van die wet is bepaald, dat de beschikking in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 Wet Bibob kan worden geweigerd (omgevingsvergunning beperkte milieutoets).
De Bibob-toets wordt alleen uitgevoerd als bij de aanvraag:
vanuit eigen informatie en/of
vanuit informatie van een of meerdere partners binnen het samenwerkingsverband RIEC en/of
vanuit het OM verkregen informatie als bedoeld in artikel 11 juncto 26 van
de wet, er duidelijke aanwijzingen zijn die het vermoeden rechtvaardigen, dat bij deaanvraag sprake is van een ernstige mate van gevaar als bedoeld in artikel 3van de wet.
De aanvraag als bedoeld in artikel 2.27 van de Algemene Plaatselijke Verordening; (evenementenvergunning);
De toepassing van het eigen onderzoek zal daarbij beperkt blijven tot de grootschalige en risicovolle evenementen, waarbij gevaarzetting te verwachten is.
Uitvoering van het eigen onderzoek vindt bij onderstaande aanvragen voor een beschikking plaats, als er sprake is van ambtelijke informatie en/of informatie afkomstig van een van de partners uit het samenwerkingsverband RIEC, die een aanleiding vormen om te vermoeden dat de beschikking zal worden gebruikt als bedoeld in artikel 3 van de wet:
De aanvraag als bedoeld in artikel 30a Drank & Horecawet;
De aanvraag als bedoeld in artikel 3 van de Drank- en horecawet, in het geval het een horecabedrijf betreft, als bedoeld in artikel 4 van de Drank- & Horecawet (paracommerciële instelling);
Paragraaf 2:
Artikel 2.1
Toepassingsbereik bij aanvragen voor beschikkingen.
Onderdeel van Beleidslijn voor de toepassing van de Wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur