1. Het college legt geen boete op indien elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt;
2. Het college kan afzien van het opleggen van een boete als daarvoor dringende redenen aanwezig zijn.
3. Indien het college afziet van het opleggen van een boete op grond van dringende redenen, wordt de belanghebbende daarvan schriftelijk mededeling gedaan.