In deze verordening wordt verstaan onder:
de wet: de Wet werk en bijstand (WWB Stb 2003, nr, 375));
algemene bijstand: de bijstand bedoeld in artikel 5, onderdeel b, van de wet;
bijzondere bijstand: de bijstand bedoeld in artikel 5, onderdeel d, van de wet;
bijstand: algemene en bijzondere bijstand;
bijstandsnorm: de bijstandsnorm bedoeld in artikel 5, onderdeel c, van de wet;
afstemmingsverordening: De verordening gebaseerd op artikel 8 lid 1 onder b van de wet;
alleenstaande: de persoon genoemd in artikel 4 onder a van de Wet werk en bijstand;
alleenstaande ouder: de persoon genoemd in artikel 4 onder b van de Wet werk en bijstand;
gezin: de personen genoemd in artikel 4 onder c van de Wet werk en bijstand;
recidive: het binnen een periode van 5 jaar wederom verwijtbaar niet nakomen van de inlichtingenplicht;
benadelingsbedrag: het netto-bedrag aan bijstand dat ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verleend;
inlichtingenplicht: de verplichtingen genoemd in artikel 17 lid 1, 2 en 4 van de Wet werk en bijstand en de artikelen 28 lid 2 en 29 lid 1 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
langdurigheidstoeslag: de langdurigheidstoeslag bedoeld in artikel 5, onderdeel e, van de wet;
maatregel: het verlagen van de bijstand of de langdurigheidstoeslag op grond van artikel 18, tweede lid, van de wet;
gemeenteraad: de gemeenteraad van Boekel;
het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Boekel.
Hoofdstuk 1
Artikel 1
Begripsomschrijving
Onderdeel van Verordening misbruik en oneigenlijk gebruik Wet werk en bijstand 2004