Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.3

Uitbetaling persoonsgebonden budget

Onderdeel van Beleidsregels individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente De Wolden 2011

2.3.1. Als het persoonsgebonden budget berekend is, kan het bij beschikking aan de aanvrager worden bekendgemaakt. In deze beschikking wordt vermeld wat de omvang van het persoonsgebonden budget is en voor hoeveel jaar het persoonsgebonden budget bedoeld is. Om volstrekt duidelijk te laten zijn wat met het persoonsgebonden budget dient te worden aangeschaft en meer precies: aan welke vereisten de aan te schaffen voorziening dient te voldoen, wordt een zo nauwkeurig mogelijk omschreven program van eisen bij de beschikking gevoegd. Hierdoor kan voorkomen worden dat door onduidelijkheid omtrent de eisen die aan de voorziening gesteld moeten worden een verkeerde voorziening wordt aangeschaft. Dat zou tot inadequate voorzieningen kunnen leiden, waardoor het te bereiken resultaat, het compenseren van problemen, niet bereikt wordt, wat op zich weer tot nieuwe aanvragen aanleiding zou kunnen zijn. Dit is uitsluitend te voorkomen door een program van eisen onderdeel uit te laten maken van de beschikking. Wordt dan toch een voorziening aangeschaft die niet aan dat program van eisen voldoet, dan is gehandeld in strijd met de beschikking. 2.3.2. In de beschikking zal ook opgenomen moeten worden dat er een eigen bijdrage/eigen aandeel in de kosten verschuldigd is. Omdat die eigen bijdrage vastgesteld en geïnd zal worden door het CAK, zal in de meeste gevallen uitsluitend een aankondiging opgenomen kunnen worden. Is de beschikking verzonden, dan kan het persoonsgebonden budget beschikbaar worden gesteld. Een persoonsgebonden budget voor een voorziening wordt in één keer uitbetaald. Een persoonsgebonden budget voor hulp bij het huishouden wordt in termijnen van 4 weken uitbetaald. 2.3.3. Als de betaling via een serviceorganisatie gaat (de thuiszorg of een andere organisatie) dan valt te overwegen alleen op basis van daadwerkelijke uitgaven het persoonsgebonden budget over te maken. De gemeente stort dan op uitdrukkelijk verzoek van de cliënt het geld op rekening van de serviceorganisatie, die tot betaling van de hulp overgaat na ontvangst van een werkbriefje van de cliënt. De gemeente betaalt dan niet te veel en de cliënt hoeft niets terug te betalen. Namens de cliënt verzorgt de serviceorganisatie ook de verantwoording als dat is afgesproken. E.e.a. leidt tot aanzienlijke lastenvermindering bij de burger en de gemeente. 2.3.4. Verantwoording van het persoonsgebonden budget: PGB voor hulp bij het huishouden: - Betrokkene mag het Pgb alleen besteden voor de inkoop van hulp bij het huishouden (inclusief bijkomende kosten zoals bijv. bemiddelingskosten) zoals vermeld in de Wmobeschikking. Het Pgb is dus niet vrij besteedbaar; - Met de dienstverlener sluit betrokkene een overeenkomst, waarin wordt opgenomen welke soort ondersteuning u heeft afgesproken en de prijs die u daarvoor betaalt. Beide partijen moeten de overeenkomst ondertekenen - Betrokkene moet verantwoording afleggen over de wijze waarop u het Pgb heeft besteed. De verantwoording houdt in dat in ieder geval de volgende gegevens moeten worden overgelegd: ◊ Het bedrag dat per uur is betaald; ◊ Het aantal betaalde werkuren; ◊ Naam, adres, burgerservicenummer van de dienstverlener; ◊ Of de rekeningen van de instelling(en) waarbij de hulp bij het huishouden is ingekocht. - Van iedere uitgave moet de Pgb-houder een bewijs van betaling kunnen laten zien. Dit betekent dat alle betalingen gedaan moeten worden met een overboeking per bank of giro; - De verantwoording van het Pgb door de budgethouder vindt plaats zo spoedig mogelijk na: ◊ afloop van de periode van toekenning van de huishoudelijke voorziening, danwel ◊ na afloop van enig kalenderjaar; - Als betrokkene het Pgb niet volledig aan hulp bij het huishouden heeft kunnen besteden, mag betrokkene het niet uitgegeven bedrag, met een maximum van 10% van het totaal budget, eenmalig “meenemen” (of : “overhevelen”) naar het volgende kalenderjaar. - Het Pgb is gemeenschapsgeld dat bestemd is voor de inkoop van hulp bij het huishouden. Het Pgb dat betrokkene niet hieraan uitgeeft, moet worden terugbetaald aan de gemeente. PGB voor voorzieningen: De verantwoording vindt plaats doordat de cliënt de factuur toestuurt van de aangeschafte voorziening.

Rechtspraak bij dit artikel