Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Ontslag en non-activiteit

Onderdeel van Verordening op de rekenkamercommissie

1.. De raad ontslaat het lid/de voorzitter/directeur of stelt hem op non-activiteit. 2.. Het lidmaatschap van het lid/de voorzitter/directeur eindigt: op eigen verzoek; bij aanvaarding van een functie die onverenigbaar is met het lidmaatschap van de rekenkamercommissie; wanneer het lid bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel bij zulk een uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot gevolg heeft; indien het lid bij onherroepelijk geworden rechtelijke uitspraak onder curatele is gesteld, in staat van faillissement is verklaard, surseance van betaling heeft verkregen of wegens schulden is gegijzeld. 3.. Het lid/de voorzitter/directeur van de rekenkamercommissie kan door de raad worden ontslagen wanneer hij door ziekte of gebreken blijvend ongeschikt is zijn functie te vervullen.

Rechtspraak bij dit artikel