Gevallen waarin besluiten worden gecoördineerd
het besluit over een aanvraag om omgevingsvergunning voor het bouwen van een of meer bouwwerken die op het moment van indienen alleen op grond van artikel 2.10, eerste lid, sub c geweigerd zou moeten worden, zo lang nog geen uitwerkingsplan van kracht is en het besluit over vaststelling van een uitwerkingsplan dat de omgevingsvergunning voor de beoogde bouwwerken mogelijk maakt, maken ten minste deel uit van de te coördineren besluiten en
een ander besluit, als dat bij de coördinatie betrokken wordt, als genoemd en bedoeld in artikel 3 en verband houdt met de aanvraag of het uitwerkingsplan als bedoeld in artikel 4 onder a en
door of namens het college is vastgesteld dat het besluit als bedoeld in artikel 4, onder b gecoördineerd kan worden voorbereid en
door het college is vastgesteld dat zich geen belemmering voordoet als bedoeld in artikel 5 en
aanvrager zich schriftelijk akkoord heeft verklaard met de gecoördineerde voorbereiding en met de gevolgen die dat voor aanvrager heeft en
de aanvraag bedoeld in artikel 4, lid a betreft een of meer van de volgende activiteiten, onderdeel uitmakend van het realiseren van bouwprojecten in het plangebied van het bestemmingsplan:
het bouwen van bouwwerken;
het realiseren van nutsvoorzieningen;
het realiseren van infrastructurele werken;
Artikel 4
Artikel 4
Onderdeel van Coördinatieverordening Wet ruimtelijke ordening t.b.v. bouwprojecten in bestemmingsplan Driessen