1.Het college zendt binnen vier weken na een besluit ingevolge artikel 1, 1e lid, van deze
regeling aan de raad een startdocument betreffende het project waarin tenminste de
volgende elementen worden besproken:
de probleemanalyse die aan het project ten grondslag ligt;
de specifiek, meetbaar, realistisch en tijdgebonden geformuleerde doelstelling(en) van
het project;
een weergave van de geldende beleidskaders en de beleidsruimte;
een schets van de diverse beleidsalternatieven; de verwachte maatschappelijke of
bestuurlijke consequenties van de alternatieven; financiële consequenties van de
alternatieven; de motivering waarom wordt gekozen voor het voorgestelde project en
waarom de alternatieven zijn afgevallen;
de rol van de gemeente bij dit project; betrokkenheid van andere publieke of private
partijen;
een globale kostenraming, de wijze van financiering, de inpassing van de
exploitatielasten in de begroting;
een risicoanalyse en de maatregelen die zijn genomen om de risico’s te beheersen;
de voorziene planning van de te nemen beslissingen en de rol van de raad daarin;
de hoofdlijnen van de organisatie van het project alsmede de aansturing en de
beheersing daarvan;
een communicatieparagraaf.
De raad kan desgewenst aanvullende eisen stellen aan de te verstrekken informatie.