Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Afdeling 11.

Artikel 2:45

Verontreiniging door honden

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening (Apv)

1.. De eigenaar, houder, verzorger of diegene die een hond onder zijn hoede heeft is verplicht ervoor te zorgen dat die hond zich niet van uitwerpselen ontdoet: op een openbare plaats binnen de bebouwde kom; op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats, zandbak, speelterrein, trapveldje, schoolterrein of sportveld; op een andere door het college aangewezen plaats. (aanwijzingsbesluit "Verontreiniging door honden") 2.. Het college kan plaatsen aanwijzen waar het verbod genoemd in het eerste lid, onder a niet geldt. (aanwijzingsbesluit "Verontreiniging door honden") 3.. De strafbaarheid wegens overtreding van het in het eerste lid gestelde gebod wordt opgeheven indien de eigenaar of houder van de hond er zorg voor draagt dat de uitwerpselen onmiddellijk worden verwijderd.

Rechtspraak bij dit artikel