De voorzitter deelt de belanghebbenden en het verwerend orgaan
tenminste twee weken voor de zittingschriftelijk mee, dat zij in
de gelegenheid worden gesteld zich te doen horen tijdens de
zitting.
Binnen drie dagen na de in het vorige lid bedoelde mededeling
kunnen de belanghebbenden of het verwerend orgaan, onder opgaaf
van redenen de voorzitter verzoeken het tijdstip van de zitting
te wijzigen.
De beslissing van de voorzitter op een verzoek als bedoeld in
lid 2 wordt zo spoedig mogelijk, doch in ieder geval uiterlijk
één week voor het tijdstip van de zitting, aan de
belanghebbenden en het verwerend orgaan meegedeeld.
De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te
wijken of afwijking toe te staan van de termijnen als genoemd in
dit artikel.
Hoofdstuk 1.
Artikel 10.
Uitnodiging zitting
Onderdeel van de Verordening commissie bezwaarschriften 2014