• - De voorzitter van de commissie bepaalt plaats en tijdstip van de zitting waarin de belanghebbenden en het

    verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te doen horen.

  • - De voorzitter beslist over het afzien van het horen als bedoeld in artikel 7:3 van de Algemene wet bestuurs-recht.
  • - Indien de voorzitter op grond van het vorige lid besluit van het horen af te zien, vermeldt hij dit gemotiveerdin het advies.