In deze verordening wordt verstaan dan wel mede verstaan onder:
Openbare plaats: een voor publiek toegankelijke plaats, waaronder begrepen de weg als bedoeld onder 2.
Weg:
de weg, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994, alsmede de daaraan liggende en als zodanig aangeduide parkeerterreinen;
de - al dan niet met enige beperking - voor het publiek toegankelijke pleinen en open plaatsen, parken, plantsoenen, speelweiden, bossen, en andere natuurterreinen, ijsvlakten en aanlegplaatsen voor vaartuigen;
de voor het publiek toegankelijke stoepen, trappen, portieken, gangen, passages en galerijen, die uitsluitend tot voor bewoning in gebruik zijnde ruimte toegang geven en niet afsluitbaar zijn;
andere voor het publiek toegankelijke, al dan niet afsluitbare stoepen, trappen, portieken, gangen, passages en galerijen; de afsluitbare alleen gedurende de tijd dat zij niet door of vanwege degene die daartoe naar burgerlijk recht bevoegd is, zijn afgesloten.
Openbaar water: alle wateren die - al dan niet met enige beperking - voor het publiek bevaarbaar of anderszins toegankelijk zijn.
Bebouwde kom: de bebouwde kom, zoals aangewezen op de d.d. 30 oktober 2008 door de Raad vastgestelde kaart, nummer 2008/1 APV die onderdeel van de verordening uitmaakt.
Rechthebbende: een ieder die over een enige zaak enige zeggenschap heeft krachtens een zakelijk of persoonlijk recht.
Voertuigen: alle voertuigen, als bedoeld in artikel 1, onder a en al (aa el), van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, met uitzondering van:
treinen en trams;
kruiwagens, kinderwagens en dergelijke kleine voertuigen.
Vaartuigen: alle vaartuigen, daaronder mede verstaan drijvende werktuigen, alsmede woonarken, woonschepen, glijboten en ponten.
Woonschip: elk vaartuig uitsluitend of hoofdzakelijk als woning gebezigd of tot woning bestemd.
Bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct hetzij indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirecte steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren.
Gebouw: elk bouwwerk dat een voor personen toegankelijke overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.
Handelsreclame: iedere vorm van openbare aanprijzing van goederen of diensten, waarmee kennelijk wordt beoogd een commercieel belang te dienen.
Het college: het college van burgemeester en wethouders van Gorinchem.
Bevoegd gezag: bestuursorgaan als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.
HOOFDSTUK 1
Artikel 1:1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Gorinchem