Ieder lid van de raad kan een initiatiefvoorstel indienen.
Een initiatiefvoorstel moet om in behandeling genomen te kunnen worden
schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend.
De voorzitter plaatst het voorstel op de agenda van de eerstvolgende
vergadering, tenzij de schriftelijke oproep hiervoor reeds verzonden is. In dit
laatste geval wordt het voorstel op de agenda van de daaropvolgende vergadering
geplaatst.
De behandeling van het voorstel vindt plaats nadat alle op de agenda voorkomende
voorstellen en onderwerpen zijn behandeld, tenzij de raad oordeelt dat:
het voorstel met het oog op de orde van de vergadering tezamen met een ander
geagendeerd voorstel of onderwerp dient te worden behandeld;
het voorstel ter agendering wordt overgedragen aan de agendacommissie;
het voorstel voor advies naar het college dient te worden gezonden. In het
laatste geval bepaalt de raad in welke vergadering het voorstel opnieuw
geagendeerd wordt.
In afwijking van de leden 3 en 4 kan de voorzitter, met instemming van de
indiener(s) en in overleg met de agendacommissie, het initiatiefvoorstel agenderen
voor behandeling in een oriënterende raadsbijeenkomst of in een andere vergadering
dan de raadsvergadering zoals bedoeld in lid 3. Daarbij kan de voorzitter het
college vragen een reactie bij het voorstel te leveren voor de behandeling in de
oriënterende raadsbijeenkomst of de raadsvergadering.
De raad kan voorwaarden stellen aan de indiening en behandeling van een
voorstel, niet zijnde een voorstel voor een verordening.
Op een spoedeisend initiatiefvoorstel, inhoudende het ontslag van de wethouder,
zijn de bepalingen in dit artikel niet van toepassing. Een dergelijk voorstel kan
na instemming van de raad terstond aan de agenda toegevoegd worden.
Hoofdstuk 4
Artikel 36
Initiatiefvoorstel
Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad van Opsterland 2014