1. Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet werk en bijstand en de Algemene wet bestuursrecht.
2. In deze verordening wordt verstaan onder:
a. de wet: Wet werk en bijstand;
b. WTOS: Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten;
c. WSF 2000: Wet Studiefinanciering 2000;
d. persoonsondersteunend budget; staat gelijk aan de langdurigheidstoeslag zoals bedoeld in artikel 36 van de wet;
e. referteperiode: de onafgebroken periode van 12 maanden, voorafgaande aan de aanvraag persoonsondersteunend budget, waarin de belanghebbende aan de voorwaarden van het recht op een persoonsondersteunend budget heeft voldaan.
f. uitkering: uitkering ingevolge de werknemersverzekeringen, of een uitkering ingevolge de WWB, Ioaw of Ioaz.
Artikel 1.
Begripsbepalingen
Onderdeel van Verordening persoonsondersteunend budget ISD Bollenstreek 2014