**1..** Het is verboden afvalstoffen te verbranden buiten een inrichting in de zin van artikel 10.2 van de Wet milieubeheer of anderszins in de openlucht vuur aan te leggen, te stoken, in stand te houden of te hebben.
**2..** Het verbod als bedoeld in lid 1 geldt niet indien sprake is van:
verlichting door middel van kaarsen, fakkels en dergelijke;
sfeervuren zoals terrashaarden en vuurkorven (indien geen afvalstoffen worden verbrand);
vuur voor koken, bakken en braden en geen gevaar, overlast of hinder wordt veroorzaakt voor de omgeving.
**3..** Het verbod als bedoeld in lid 1 geldt niet indien wordt voldaan aan de door het college vastgestelde Nadere regels als bedoeld in lid 4.
**4..** Het college kan in het belang van de bescherming van de openbare orde en veiligheid, de bescherming van de volksgezondheid of de bescherming van flora & fauna nadere regels vaststellen voor het verbranden van afvalstoffen buiten een inrichting in de zin van artikel 10.2 van de Wet milieubeheer of anderszins vuur aanleggen of stoken.
**5..** Het college kan ontheffing verlenen van het verbod in het eerste lid en van de nadere regels als bedoeld in het vierde lid.
**6..** Het verbod geldt niet voor zover in het geregelde onderwerp wordt voorzien door artikel 429, aanhef en onder 1 of 3, van het Wetboek van Strafrecht of de Provinciale milieuverordening.
HOOFDSTUK 5 › Afdeling 8
Artikel 5:34
Verbod afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen of anderszins vuur te stoken
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening (APV) gemeente Enschede 2009