1. Het college is bevoegd een boom aan te wijzen als een beschermwaardige boom.
2. Het bevoegd gezag kan nadere regels stellen omtrent de gegevens en bescheiden die bij een verzoek om vergunning tot het kappen van een beschermwaardige boom moeten worden ingediend.
3. De aanvraag voor het kappen van een beschermde boom wordt slechts bij uitzondering verleend, indien:
a. de boom gevaarlijk is voor de omgeving;
b. de boom leidt tot zwaarwegende omgevingshinder;
c. boombehoud na afweging van alle betrokken belangen niet kan opwegen tegen een zwaarwegend maatschappelijk of algemeen belang.
4. Aan de vergunning kunnen voorschriften of beperkingen worden verbonden.
Het college stelt met betrekking tot de in het vorige lid genoemde criteria en de te maken afweging beleidsregels vast.
HOOFDSTUK 4 › AFDELING 3.
Artikel 4.11.10
Beschermwaardige bomen
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Enschede 2009