Naar hoofdinhoud

§ 1

Artikel 3.

Vervoersvoorziening naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school

Onderdeel van “Verordening Leerlingenvervoer West Maas en Waal 2014”

1.. Een vervoersvoorziening wordt toegekend over de afstand tussen de woning dan wel de opstapplaats en de dichtstbijzijnde voor de leerling toegankelijke school, tenzij vervoer naar een verder weggelegen school voor de gemeente minder kosten met zich mee zou brengen en de ouders met het vervoer naar die school schriftelijk instemmen. 2.. Indien ouders een vervoersvoorziening aanvragen voor het bezoeken van een school, die op grotere afstand van de woning is gelegen dan een andere school van dezelfde onderwijssoort, ontstaat slechts aanspraak op een vervoersvoorziening naar eerstgenoemde school als door de ouders schriftelijk wordt verklaard dat zij overwegende bezwaren hebben tegen het openbaar onderwijs dan wel tegen de richting van het onderwijs van alle bijzondere scholen, van de soort waarop de leerling is aangewezen, die dichterbij de woning zijn gelegen. 3.. De dichtstbijzijnde toegankelijk school kan buiten het samenwerkingsverband liggen. Het advies van het samenwerkingsverband is niet leidend voor de toewijzing van een vervoersvoorziening. Bij de beoordeling van de aanvraag van een vervoersvoorziening, bepaalt uiteindelijk het college welke school kan worden aangewezen als dichtstbijzijnde toegankelijke school.

Rechtspraak bij dit artikel