1.Het is verboden in bossen, op heide of veengronden dan wel in
duingebieden of binnen een afstand van dertig meter daarvan:
a.Te roken gedurende een door het college aangewezen periode;
b.Voor zover het de open lucht betreft, brandende of smeulende
voorwerpen te laten vallen, weg te werpen of te laten liggen.
De verboden in het eerste lid zijn niet van toepassing op
situaties waarin wordt voorzien door artikel 429, aanhef en
onder 3, van het wetboek van strafrecht.
De verboden zijn voorts niet van toepassing voor zover het
roken plaatsvindt in gebouwen en aangrenzende erven.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 6
Artikel 2:18
Rookverbod in bossen en natuurterreinen
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 2014