1.Indien de beheerder het beheer van de seksinrichting of het
escortbedrijf feitelijk beëindigt, geeft de exploitant daarvan
binnen een week schriftelijk kennis aan het bevoegd
bestuursorgaan.
2.Het beheer kan worden uitgeoefend door een nieuwe beheerder,
indien het bevoegd bestuursorgaan op aanvraag van de exploitant
besluit de verleende vergunning overeenkomstig de wijziging in het
beheer te wijzigen. Het bepaalde in artikel 3:13, eerste lid, aanhef
en onder a, is van overeenkomstige toepassing.
3.In afwachting van het besluit bedoeld in het tweede lid, kan het
beheer worden uitgeoefend door een nieuwe beheerder vanaf het moment
waarop de exploitant een aanvraag als bedoeld in het tweede lid
heeft ingediend, totdat over de aanvraag is besloten.