Het is verboden buiten een inrichting om in de openbare ruimte en de private buitenruimte, toestellen, machines, technische installaties of muziekinstallaties in werking te hebben, waardoor voor de omgeving geluidshinder wordt veroorzaakt.
Van geluidshinder, zoals bedoeld in lid 1, is sprake als het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau LAr,LT, hoger is dan 45 dB(A) tussen 07.00 uur en 19.00 uur, 40 dB(A) tussen 19.00 uur en 23.00 uur en 35 dB(A) tussen 23.00 uur en 07.00 uur op de gevel van geluidsgevoelige gebouwen van derden en op de grens van geluidsgevoelige terreinen.
Het college kan ontheffing verlenen van het verbod en kan daarbij geluidsvoorschriften stellen die afwijken van de in lid 2 genoemde geluidsniveaus en/ of van de in lid 2 genoemde beoordelingspunten.
De geluidsniveaus zoals aangegeven in lid 2 worden gemeten en beoordeeld conform de Handleiding meten en rekenen Industrielawaai, 1999.
5. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet geluidhinder, de Zondagswet, de Wet openbare manifestaties, het Vuurwerkbesluit het Activiteitenbesluit milieubeheer, het Bouwbesluit of de Provinciale milieuverordening.
Hoofdstuk 4 › Afdeling 1
Artikel 4.6
Overige geluidhinder
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 2014.