Naar hoofdinhoud
1. Onverminderd het bepaalde in de Algemene subsidieverordening wordt de subsidie in ieder geval geweigerd als: a. met de werkzaamheden is begonnen voordat het college een besluit over de aangevraagde subsidie heeft genomen; b. door honorering van de aanvraag het subsidieplafond, met inbegrip van reserveringen zoals bedoeld in artikel 9 van deze verordening, overschreden zou worden; c. er minder dan een jaar is verstreken sinds voor hetzelfde monument een aanvraag om subsidie zoals bedoeld in deze verordening is ingediend, welke aanvraag is gehonoreerd, tenzij het gaat om combinatie van een haalbaarheidsonderzoek zoals bedoeld in artikel 3 onder b en instandhoudingswerkzaamheden zoals bedoeld in artikel 3 onder a; d. de subsidiabele kosten minder dan € 3.000,-- bedragen; e. de opdracht voor een onderzoek als bedoeld in artikel 3 onder b is verstrekt voordat het college over het verlenen van een subsidie hiervoor besloten heeft; f. de vergunning, zoals bedoeld in artikel 11 e.v. van de Monumentenwet 1988 dan wel artikel 10 van de Erfgoedverordening gemeente Nunspeet 2010, niet is verleend; g. de kosten op grond van een verzekeringsovereenkomst zijn gedekt; h. het gemeentelijke monument of beeldbepalend object waarop de aanvraag betrekking heeft niet is verzekerd onder een zogenoemde uitgebreide opstalverzekering, gebaseerd op ten minste de actuele herbouwwaarde van het monument; i. de aanvrager een andere natuurlijk of rechtspersoon is dan de eigenaar, tenzij deze schriftelijk aantoont de aanvraag te doen namens de eigenaar. j. voor de historische molen geen draaipremie is ontvangen. 2. Als een subsidie wordt geweigerd met toepassing van het gestelde onder 1 b. is de aanvrager bevoegd ten laste van een volgend budgetjaar opnieuw een aanvraag in te dienen. 3. De subsidie wordt geweigerd als voor hetzelfde monument binnen een termijn van vijf kalenderjaren meer dan eenmaal subsidie wordt aangevraagd voor hetzelfde onderdeel, behalve als sprake is van toepassing van het gestelde in artikel 10, lid 2 van deze verordening. 4. De subsidie wordt geweigerd als het monument als gevolg van een calamiteit grotendeels of geheel teniet is gegaan. 5. In geval van een calamiteit waarbij een deel van het monument teniet is gegaan, is het college bevoegd de weigeringsgrond zoals bedoeld in het voorgaande lid niet toe te passen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel