Lid 1
De werkgever stelt de melder, dan wel de vertrouwenspersoon, binnen twaalf weken schriftelijk op de hoogte van zijn standpunt omtrent het gemelde vermoeden van een misstand.
Lid 2
Indien het standpunt niet binnen twaalf weken kan worden gegeven, wordt de melder, dan wel de vertrouwenspersoon, daarvan schriftelijk en gemotiveerd op de hoogte gesteld voordat de termijn is verlopen. Hierin wordt de termijn aangegeven waarbinnen de ambtenaar of entiteit een kennisgeving als bedoeld in het eerste lid ontvangt.
Hoofdstuk
Artikel 7
Standpunt werkgever
Onderdeel van REGELING MELDING VERMOEDEN MISSTAND (KLOKKENLUIDERSREGELING) BAR-ORGANISATIE