De schipper of, bij afwezigheid van de schipper, de eigenaar van een gezonken vaartuig is verplicht dit vaartuig onmiddellijk te verwijderen.
Het in het eerste lid bepaalde geldt niet voorzover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door het Binnenvaartpolitiereglement, de Wet beheer rijkswaterstaatwerken of de Provinciale vaarwegenverordening.
Hoofdstuk 5.
Artikel 5:30a
Gezonken vaartuigen
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Leidschendam-Voorburg