Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3:

Artikel 5

Hoogte langdurigheidstoeslag

Onderdeel van Verordening Langdurigheidstoeslag 2014 Gemeente Zwartewaterland

Er is onderscheid gemaakt tussen personen van 21 en 22 jaar en personen ouder doch jonger dan de pensioengerechtigde leeftijd. Dat onderscheid berust op het gegeven dat personen vanaf 18 jaar de ouderlijke onderhoudsplicht vervalt en meerderjarig zijn en daarom op 21 of 22 jarige leeftijd nog niet langer dan 3 tot 4 jaar afhankelijk zijn geweest van het sociaal minimum. Bij gehuwden geldt dat indien 1 van beide partners is uitgesloten (indien 1 van de partners jonger dan 21 jaar is) er langdurigheidstoeslag wordt toegekend naar de toeslag voor een alleenstaande of alleenstaande ouder. Indien 1 van de partners 21 of 22 jaar is en de ander 23 jaar of ouder doch jonger dan de pensioengerechtigde leeftijd, dan geldt de toeslag voor 23 jaar of ouder.

Rechtspraak bij dit artikel