1.Bij subsidies van meer dan € 10.000 tot en met € 200.000 dient de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling in:
a.in geval van een subsidie die per kalenderjaar wordt verstrekt, uiterlijk op 1 mei van het jaar dat volgt op het betrokken kalenderjaar;
b.in andere gevallen uiterlijk twaalf weken nadat de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht.
2.De aanvraag tot vaststelling bevat:
a.een schriftelijke aanvraag tot vaststelling van de subsidie;
b.een verslag waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht en aan de subsidie verbonden verplichtingen is voldaan;
c.een financieel verslag of een jaarrekening als bedoeld in artikel 361 van Boek 2 van het Burgerlijk wetboek bij subsidies van € 50.000,- en meer, die bestaat uit een staat van baten en lasten, een balans en toelichtingen daarop. Het jaarverslag of de jaarrekening moet op dezelfde wijze zijn ingericht als de bij de aanvraag tot subsidie ingediende begroting;
d.het college kan in het besluit tot subsidieverlening bepalen dat het financieel verslag c.q. de jaarrekening, als bedoeld in sub c, vergezeld moet gaan van een van een accountantsverklaring, opgesteld overeenkomstig het controleprotocol als bedoeld in artikel 15.
3.In de uitvoeringsregeling of het besluit tot subsidieverlening kunnen andere termijnen worden vastgesteld of andere gegevens worden verlangd.
Artikel 18.
Eindverantwoording subsidies van meer dan € 10.000 tot en met € 200.000
Onderdeel van Algemene subsidieverordening gemeente Apeldoorn 2014