**1..** Het bestuursorgaan wijst een aanvraag om vergoeding van de schade geheel of gedeeltelijk af, indien:
de schade redelijkerwijs niet kan worden toegerekend aan een door hem genomen besluit of verrichte handeling;
de aanvraag betrekking heeft op een besluit waaraan, vanwege het gebonden karakter ervan, bij de voorbereiding van dat besluit zelf geen belangenafweging ten grondslag heeft gelegen;
de benadeelde het risico van het ontstaan van de schade heeft aanvaard, omdat hij van het risico tijdig op de hoogte was of had kunnen zijn;
de schade het gevolg is van een omstandigheid die geheel of gedeeltelijk aan de aanvrager kan worden toegerekend;
de benadeelde heeft verzuimd redelijke maatregelen te treffen ter voorkoming of beperking van de schade; of
de vergoeding van de schade anderszins is verzekerd.
**2..** Het bestuursorgaan kan de aanvraag afwijzen, indien op het tijdstip van de aanvraag vijf jaren zijn verstreken na aanvang van de dag na die waarop de benadeelde bekend is geworden zowel met de schade als met het voor de schadeveroorzakende gebeurtenis verantwoordelijke bestuursorgaan, en in ieder geval na verloop van twintig jaren nadat de schade is veroorzaakt.
**3..** Indien de aanvraag betrekking heeft op schade veroorzaakt door een besluit waartegen beroep kan worden ingesteld, vangt de termijn van vijf jaren, bedoeld in lid 2, niet aan voordat dit besluit onherroepelijk is geworden. Indien tegen het besluit geen beroep kan worden ingesteld, vangt die termijn niet aan voordat het besluit bekend is gemaakt.
**4..** Indien de aanvraag betrekking heeft op schade veroorzaakt door een besluit waartegen beroep kan worden ingesteld, vangt de termijn van twintig jaren, bedoeld in lid 2, aan op de dag volgend waarop het besluit onherroepelijk is geworden. Indien tegen het besluit geen beroep kan worden ingesteld, vangt die termijn aan op de dag volgend waarop het besluit bekend is gemaakt.
Paragraaf 2
Artikel 3
Weigeringsgronden
Onderdeel van Verordening nadeelcompensatie gemeente Leiden 2014