Het college kan een incidentele ontheffing voor het berijden van het Beekparkgebied uitbreiden met een ontheffing voor het parkeren in het Beekparkgebied, indien de aanvrager aantoont dat de nabijheid van het motorvoertuig (in verband met de daarin of daarop geplaatste apparatuur) noodzakelijk is voor de uitvoering van de werkzaamheden.
De plaats waarvoor de ontheffing van het parkeerverbod geldt wordt op de ontheffing vermeld.