**1..** Een leerling aan wie een vervoersvoorziening in de vorm van het aangepast vervoer is verstrekt, is verplicht de aanwijzingen betreffende de orde, rust, veiligheid en een goede bedrijfsgang op te volgen, die door of vanwege de vervoerder die het vervoer verricht, duidelijk kenbaar zijn gemaakt.
**2..** Het college kan besluiten tot het organiseren van een alternatieve invulling van de vervoersvoorziening voor een leerling aan wie een vervoersvoorziening in de vorm van aangepast vervoer is verstrekt, indien bij herhaling is gebleken dat de leerling door agressief gedrag of anderszins de orde in het vervoermiddel verstoort, de veiligheid van het vervoermiddel en inzittenden in gevaar brengt en/of de aanwijzing van de vervoerder niet opvolgt.
§. 4B
Artikel 21c.
Gedragsregels voor het aangepast vervoer
Onderdeel van Verordening leerlingenvervoer gemeente Den Haag 2014