**1..** Indien een vervoersvoorziening in de vorm van aangepast vervoer is verstrekt, zijn de ouders verplicht dat bij de woning of tweede afzetadres een persoon die in staat is om opvang te bieden aanwezig is ten tijde van het afgesproken tijdstip waarop de leerling wordt teruggebracht.
**2..** Indien de ouders niet aan de verplichting zoals beschreven in het voorgaande lid voldoen, dan is het college gerechtigd om de leerling naar een geschikte alternatieve opvanglocatie te vervoeren. Het college kan dan de meerkosten van het vervoer en de kosten van de opvang in rekening brengen bij de ouders.
**3..** Van de verplichting zoals genoemd in het eerste lid van dit artikel kan slechts worden afgeweken indien de ouders voorafgaand schriftelijk hebben verklaard er uitdrukkelijk mee in te stemmen dat de leerling na de reis met het aangepast vervoer zelfstandig de woning of het tweede afzetadres kan betreden en geen toezicht nodig heeft.
§. 4B
Artikel 21e
Aanwezigheid bij woning en tweede afzetadres
Onderdeel van Verordening leerlingenvervoer gemeente Den Haag 2014