Alvorens een huurovereenkomst te sluiten, vraagt het bevoegd gezag
toestemming voor de verhuur aan burgemeester en wethouders.
Het verzoek om toestemming wordt schriftelijk gedaan en bevat een
aanduiding van de huurder, alsmede van de bestemming van de te
verhuren ruimte.
Burgemeester en wethouders verlenen de toestemming niet indien:
de bestemming van de te verhuren ruimte in strijd is met
bepalingen daaromtrent uit de wet of regelgeving;
de te verhuren ruimte onmiddellijk nodig is voor een
school.
Burgemeester en wethouders nemen binnen vier weken na ontvangst van
het verzoek een besluit en zenden dat aan het bevoegd gezag.
HOOFDSTUK 5 › Paragraaf 5.3
Artikel 36
Toestemming burgemeester en wethouders
Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs