Eerste lid
In dit artikel zijn het doel en het middel van de subsidie opgenomen. Dit om duidelijk te stellen dat alleen het keren van gronden, volgens de definitie uit het eerste lid, voor subsidie in aanmerking komt. Aanvullend is gesteld dat het gaat om keren van gronden voor bedrijfsmatige voedselproductie. Artikel 14 van de Verordening (EU) 702/2014 maakt het mogelijk om investeringen in materiële en immateriële activa op van agrarische MKB bedrijven te subsidiëren. In dit artikel zijn de te subsidiëren activiteiten opgenomen.
Tweede lid
De kostprijs van het keren van gronden is door een extern ingenieursbureau vastgesteld. Dit is een bedrag van € 0,41 per m2 exclusief BTW op het prijspeil 2013. Daar de subsidie binnen de regels van staatssteun is bedoeld als stimulering, is uitgegaan van een maximaal percentage per m2.Dit percentage is vastgesteld op 80% van. De bedragen voor 2014 tot en met 2017 zijn gebaseerd op een jaarlijks inflatiepercentage van 1,5%. Hierdoor stijgen de kosten gemiddeld € 0,01 per jaar. Op basis hiervan zijn de subsidiebedragen respectievelijk € 0,336, € 0,344, € 0,352 en € 0,360 per m2.
Derde lid
Het uitvoeren van de werkzaamheden, directievoering van het project, vraagt begeleiding van de agrariër. Daarnaast moet rekening gehouden worden dat de landerijen langs smalle wegen zijn gelegen en niet makkelijk toegankelijk zijn voor zwaar materiaal. De kosten hiervan zijn op basis van ervaringen uit 2013 geraamd op € 1.0500,- per deelfase. Ook hier geldt weer een subsidiepercentage van 80%, waardoor per bedrijf een bedrag van € 800,- aan subsidie kan worden aangevraagd.
Vierde lid
Jonge landbouwers verkeren ten opzichte van langer gevestigde ondernemers in moeilijkere omstandigheden hun bedrijf te exploiteren. Deze groep heeft een extra stimulans nodig om tot het keren van de gronden over te gaan. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de Europese mogelijkheden het subsidiepercentage tot maximaal 90% te verhogen.
Op basis van het tweede lid van Verordening (EU), nr. 702/2014, is een jonge landbouwer een persoon die op datum van indiening van de steunaanvraag niet ouders is dan 40 jaar, over adequate vakbekwaamheid en deskundigheid beschikt en zich voor het eerst op een landbouwbedrijf vestigt als bedrijfshoofd van dat bedrijf.
Vijfde lid
Gelet op het vastgestelde subsidieplafond is een criterium nodig op basis waarvan de toewijzing kan plaatsvinden. Meest logische is om te kiezen voor volgorde van binnenkomst, daar de agrariërs en de percelen agrarische gronden onderling vergelijkbaar zijn voor het doel van deze verordening.
Achtste lid
Voor de meeste agrarische bedrijven is het niet mogelijk om alle werkzaamheden in één keer tegelijk uit te voeren. De verordening kent daarom een looptijd van vier jaar. Na afloop van die periode vervalt de verordening en komt er naar alle waarschijnlijkheid geen nieuwe verordening om het keren van de gronden te subsidiëren.
Tot 1 april 2017 bestaat de mogelijkheid een subsidie aan te vragen. Dit onder de voorwaarde dat het subsidieplafond niet is overschreden. De datum van 1 september is gekozen omdat na 15 september op basis van Nederlandse regelgeving het scheuren van gronden niet meer is toegestaan. De agrariër die subsidie ontvangt is bij een aanvraag na 1 september 2017 praktisch niet meer in staat de werkzaamheden binnen de wettelijke criteria uit te voeren.
De datum van 11 december 2017 is gekozen om het college in staat te stellen de gereedmelding van de subsidie te beoordelen. Hierdoor ontstaat het recht op de subsidie in 2017 en kan deze via de jaarverantwoording 2017 nog meegenomen worden in de Nederlandse verantwoording bij de Europese commissie.
Paragraaf 3
Artikel 8.
Subsidie keren agrarische gronden
Onderdeel van Verordening subsidie aanpak dioxineproblematiek 2014-2017