**1..** Aan de directeur wordt voor zover het bevoegdheden van het college betreft mandaat verleend overeenkomstig het bij dit besluit behorende mandaat- en machtigingregister met dien verstande dat
**2..** De bevoegdheden bedoeld in het eerste lid behelzen niet de bevoegdheid te besluiten tot het gedogen van een geconstateerde overtreding van een wettelijke bepaling.
**3..** De directeur neemt bij de aan hem in mandaat opgedragen bevoegdheden de algemene instructies en de instructies per geval van het college in acht, als bedoeld in artikel 10:6, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.