De volgende kostenposten bij het aanpassen van een woning kunnen in
aanmerking komen voor compensatie:
De aanneemsom (hierin begrepen de loon- en materiaalkosten)
voor het treffen van de voorziening.
De risicoverrekening van loon- en materiaalkosten, met
inachtneming van de Risicoregeling woning- en utiliteitsbouw
1991.
Het architectenhonorarium tot ten hoogste 2% van de
aanneemsom met dien verstande dat dit niet hoger is dan het
maximale honorarium als bepaald in Standaard voorwaarden
(SR) 1997 van de Bond van Nederlandse Architecten. Alleen in
die gevallen dat het noodzakelijk is dat een architect voor
de woningaanpassing moet worden ingeschakeld komen deze
kosten voor compensatie in aanmerking.
De kosten voor het toezicht op de uitvoering, indien dit
noodzakelijk is, tot een maximum van 2% van de
aanneemsom.
De leges voor zover deze betrekking hebben op het treffen
van de voorziening.
De verschuldigde en niet verrekenbare of terugvorderbare
omzetbelasting.
De prijs van bouwrijpe grond, indien noodzakelijk als niet
binnen de oorspronkelijke kavel kan worden gebouwd.
De door het college (schriftelijk) goedgekeurde
kostenverhogingen, die ten tijde van de raming van de kosten
redelijkerwijs niet voorzien konden worden.
De kosten in verband met noodzakelijk technisch onderzoek en
adviezen met betrekking tot het verrichten van de
aanpassing.
De kosten van (her)aansluiting op de openbare
nutsvoorziening.
Bouwplaatskosten.
Werkvoorbereidings- en uitvoerderskosten.
Eventuele constructeurskosten.
De administratie- en begeleidingskosten die verhuurder maakt
ten behoeve van het treffen van een woonvoorziening, voor
zover de kosten onder 1 t/m 13 minder dan € 1.000,-
bedragen, een vaste vergoeding van € 56,82, voor zover de
kosten onder 1 t/m 13 gelijk zijn aan of meer dan € 1.000,-
bedragen, een vaste vergoeding van € 113,64.
HOOFDSTUK 5. › Paragraaf
Artikel 5.2.2
Kostenposten bouwkundige of woontechnische woonvoorziening
Onderdeel van Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Apeldoorn 2014