Aan het schap worden de bevoegdheden van regeling en bestuur van de deelnemende gemeenten toegekend, die noodzakelijk zijn voor de verwezenlijking van de in artikel 3 genoemde doelstelling, waaronder begrepen wordt het ontvangen van gelden, welke aan de deelnemende gemeenten zouden toekomen op grond van de artikelen 8, 9 en 10 van de Wsw.