**1..** Het college kan een vervoersvoorziening toekennen in de vorm van
aangepast vervoer aan de ouders van de leerling die een basisschool,
speciale school voor basisonderwijs of een school voor voortgezet
onderwijs bezoekt, indien:
aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 25
en de leerling met gebruikmaking van openbaar vervoer naar
school of terug, meer dan anderhalf uur onderweg is en de
reistijd met aangepast vervoer tot 50% of minder van de
reistijd per openbaar vervoer kan worden teruggebracht;
aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 25
en openbaar vervoer ontbreekt, tenzij de leerling naar het
oordeel van het college al dan niet onder begeleiding
gebruik kan maken van het vervoer per fiets;
aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 25
en door de ouders kan worden aangetoond dat begeleiding van
de leerling door henzelf of anderen onmogelijk is of tot
ernstige benadeling van het gezin zal leiden en een andere
oplossing niet mogelijk is;
de leerling, naar het oordeel van het college, gelet op zijn
structurele lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke
handicap niet in staat is, ook niet onder begeleiding, van
openbaar vervoer gebruik te maken. Ten aanzien van een
leerling van een speciale school voor basisonderwijs neemt
het college artikel 9 in acht.
**2..** Indien het college de in het vorige lid bedoelde aanvraag niet of
slechts gedeeltelijk toekent, kan zij bij de beoordeling van de
aanvraag voor leerlingenvervoer een eventueel (vervoers)advies van
deskundigen of het dossier van een afdeling van de gemeente
betrekken, die voor de beoordeling van die aanvraag van belang
zijn.
**3..** Bij verstrekking van een bekostiging voor het aangepast vervoer kan
het college een voorschrift verbinden dat de ouders de leerling deel
laten nemen aan leerprojecten voor het gebruik van het openbaar
vervoer of fietsvervoer.
TITEL 6
Artikel 26
Vervoersvoorziening in de vorm van aangepast vervoer
Onderdeel van Verordening leerlingenvervoer gemeente Veenendaal 2014