Onverminderd de overige bepalingen in deze beleidsregels, kan het college besluiten tot beëindiging van de schuldhulpverlening als:
het schuldhulpverleningstraject succesvol is afgerond;
het college de schuldhulpverlening niet langer noodzakelijk acht;
de geboden schuldhulpverlening volgens het college, gelet op de persoonlijke omstandigheden van de verzoeker, niet (langer) passend is;
belanghebbende niet of in onvoldoende mate zijn verplichtingen nakomt zoals neergelegd in artikel 6 en 7 van de wet, artikel 5 van deze beleidsregels, of de beschikking dan wel zijn verplichtingen voortvloeiende uit de bepalingen in de overeenkomst en de Algemene Voorwaarden niet of in onvoldoende mate nakomt. Er zal niet eerder tot beëindiging worden overgegaan dan nadat belanghebbende een redelijke hersteltermijn is geboden om alsnog aan zijn verplichtingen te voldoen.
de schuldhulpverlening op grond van – zo later is gebleken – onjuiste gegevens schuldhulpverlening aan aanvrager is toegekend , terwijl indien dit ten tijde van de besluitvorming bekend was geweest bij het college, een ander besluit zou zijn genomen;
belanghebbende zich ten opzichte van de medewerkers, belast met werkzaamheden die voortkomen uit het schuldhulpverleningstraject, misdraagt.
Hoofdstuk 1
Artikel 7
Beëindigingsgronden
Onderdeel van Beleidsregels schuldhulpverlening gemeente Heerenveen