**1..** Het grafrecht of recht op urnennis vervalt:
door het verlopen van de termijn waarvoor het recht is
verleend;
indien de rechthebbende afstand doet van het recht;
indien de begraafplaats wordt opgeheven.
**2..** Het bestuursorgaan kan het grafrecht of recht op urnennis vervallen
verklaren:
indien de betaling van het gebruiksrecht en/of de
onderhoudskosten ten behoeve van de vestiging of een
verlenging van het recht – ondanks een aanmaning – niet
binnen drie maanden na aanvang van die termijn is
geschied;
indien de rechthebbende of belanghebbende – ondanks een
aanmaning – in verzuim blijft een op grond van deze
verordening op hem rustende verplichting na te komen of
daarmee in strijd handelt (bijvoorbeeld verwaarlozing van
het graf, ter beoordeling van de beheerder);
indien de rechthebbende of belanghebbende van een
(urnen-)graf of urnennis is overleden en het recht niet
binnen een jaar na overlijden is overgeschreven.
**3..** In de gevallen als bedoeld in het eerste en tweede lid vindt geen
terugbetaling plaats van een deel van de kosten van het grafrecht,
betaalde onderhoudsbijdragen of eventuele andere kosten.
**4..** Het eventueel op het graf aanwezige gedenkteken, beplanting of
andere voorwerpen kunnen gedurende één maand voor het vervallen van
een grafrecht door de rechthebbende of belanghebbende van het graf
worden verwijderd, nadat de opzichter daarover is ingelicht. Na het
vervallen van het grafrecht kunnen zij geen aanspraken op deze zaken
meer maken.
Hoofdstuk VII
Artikel 19
Artikel 19
Onderdeel van Verordening op het beheer en gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen in de gemeente Soest