Het is verboden om, op door het college aan te wijzen locaties en perioden, dieren te voeren indien: a. b. c. d. e.
er door het voeren verkeersonveilige situaties ontstaan;
er door de frequente aanwezigheid van dieren problemen ontstaan door de uitwerpselen;
dieren ook ’s nachts op of bij voerplaatsen aanwezig blijven en dan geluidsoverlast veroorzaken;
er door de aanwezigheid van voer ook dieren aangetrokken worden die minder gewenst zijn;
er door een overdaad aan voer, gezondheidsproblemen voor de gevoerde dieren ontstaan.
Hoofdstuk 2. › Afdeling 8. Maatregelen ter voorkoming van overlast, gevaar of schade
Artikel 2:65a