**1..** Indien de medewerker het met de conceptbeoordeling van de leidinggevende niet eens is, dan dient hij zijn bedenkingen uiterlijk binnen 7 dagen na het gevoerde gesprek schriftelijk en gemotiveerd aan de leidinggevende en naasthogere leidinggevende kenbaar te maken. De medewerker moet concreet aangeven waarom het oordeel over zijn functioneren onjuist is.
**2..** De naasthogere leidinggevende plant uiterlijk binnen 2 weken een nader gesprek over de aangeleverde conceptbeoordeling en de zienswijze van beoordeelde. Hij hoort daarbij beide partijen en komt vervolgens na heroverweging van alle argumenten tot een eindbeoordeling. Op het formulier gesprek wordt hiervan bij het onderdeel beoordeling aantekening gemaakt, evenals van de datum van het gesprek en eventuele gemaakte nadere afspraken.
**3..** De naasthogere leidinggevende tekent het formulier gesprek op het onderdeel beoordeling en laat – indien dit gelet op de inhoud van het gesprek en de aantekeningen op het formulier l gesprek bij het onderdeel beoordeling nodig is – een gespreksverslag opmaken.
**4..** De medewerker en de leidinggevende krijgen van de naasthogere leidinggevende bericht dat het formulier gesprek op het onderdeel beoordeling is vastgesteld en ontvangen eventueel het gespreksverslag.
**5..** Met het tekenen van de beoordeling door de naasthogere leidinggevende is de beoordeling formeel vastgesteld en is het een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), waartegen binnen zes weken bezwaar kan worden aangetekend bij het college.
**6..** Het beoordelingsbesluit dient zo spoedig mogelijk na afloop van de ongebruikte bedenkingentermijn, dan wel na afloop van het nadere gesprek met de naasthogere leidinggevende te worden genomen, met dien verstande dat de uiterste beslistermijn eindigt 8 weken na het met de direct leidinggevende gevoerde beoordelingsgesprek. Indien wegens uitzonderlijk omstandigheden deze termijn niet kan worden gehaald, stelt de naasthogere leidinggevende de medewerker hiervan in kennis en deelt hem mee binnen welke termijn hij een besluit tegemoet kan zien.
Hoofdstuk 5
Artikel 11
Bedenkingen en beslissing
Onderdeel van Regeling gesprekkencyclus gemeente Heusden 2014